Citroen

 Vandaag was ik, zittend aan het karakteristieke blauwe ronde tafeltje met bijbehorende metalen stoeltjes, getuige van een opmerkelijk schouwspel.

Een citroenvlinder was geland op onze stoep, vlakbij het putje van de septic

tank.

Zij lag daar en gaf mij de indruk dat haar levenscyclus bijna voltooid was. Liggend op een zij, klapwiekte ze nog wat. Plotseling viel mij op dat het gele wondertje omringd was door mieren. Waar die zo plotseling vandaan kwamen wist ik niet. Misschien uit het putje? Aanvankelijk liepen de beestjes met de kriebelpootjes onderzoekend om het gele insect heen, maar al gauw waren ze al brutaal over zijn hele lijf aan het trippelen. Eigenlijk waren zij ineens overal, op de voor hen enorme vleugels.

Het vlindertje protesteerde door zich opnieuw te bewegen, waardoor enkele mieren letterlijk afgeschud werden. Gelanceerd haast. Deze actie zou zich enkele malen herhalen. Bijzonder waren de momenten dat het bloemen minnende diertje, met de vleugels parallel, horizontaal als een surfplankje over de stoep bewoog doordat een legertje mieren het optilde. Dit met de intentie om haar, met hun opruimdrift, ten grave te dragen. Dit duurde echter maar kort, doordat het beestje leek te zeggen: 'Ho ho, ik ben nog niet dood!' en weer energiek klapwiekend, de meeste mieren afschudde.

Een mier is echter niet gauw uit het veld geslagen. De vasthoudendheid en overtuiging straalt zelfs van het mieren leger af. Telkens komen zij terug als het vlindertje weer uitgeput en uit gefladderd is.

Het lijkt een onbegonnen opgave om deze strijd van zoveel tegenstanders, het zijn er nu minstens 50, te winnen. Het heet niet voor niets: 'doodsstrijd'.

De neiging is groot om het kwetsbare vlindertje te helpen en tussen de horde weg te plukken, om het op een plant te zetten. Maar vroeger of later valt het toch ten prooi. Dit is bovendien natuurlijk gedrag. Eerlijkheidshalve moet ik wel bekennen dat ik mijn nieuwsgierigheid het liefst zou bevredigen. Ik wil graag weten hoe dit schouwspel, wat natuurlijk helemaal geen 'spel' is, afloopt.

Soms hult de natuur zich in raadselen. Toen ik namelijk eventjes naar binnen ging zag ik bij terugkomst dat het onderwerp van mijn observatie verdwenen was. Had het citroenkleurige wezentje met haar laatste krachtsinspanning tóch nog kans gezien de plek des onheils letterlijk te ontstijgen?

Ondanks het feit dat het slot van dit verhaal ontbreekt, was ik toch dankbaar dat ik zo onverwacht deze bijzondere gebeurtenis mocht gadeslaan. Hoe vaak ben je nu getuige van een schijn uitvaart? En dan nog in fel geel ook?!